DE OMMEZWAAI: VAN RIJSTTERRASSEN NAAR HEIDEVELDEN

Velen wisten het al, maar een aantal mensen zullen zich hebben afgevraagd waarom er al lange tijd geen nieuw verhaal op mijn blog is verschenen. Het hoogseizoen was al begonnen, dus er gebeurde genoeg, zou je denken. En dat was ook zo. Echter: van het een gebeurde te veel en van het ander te weinig. Ik had weinig tijd en geld om mijn plotseling veranderde situatie het hoofd te bieden en beide heb je nodig als je een gastenverblijf wilt opzetten. In mijn meer fortuinlijke periode heb ik alles ingezet om van mijn nieuwe project een succes te maken, maar het ontbrak me aan tijd om het te laten groeien en aan geld om dat te overbruggen. Het is -zogezegd- in de kinderschoenen blijven steken. In het leven moet je keuzes maken en dat heb ik gedaan. Aan mijn keuze om met het huis in Nyuh Kuning van start te gaan, heb ik vanaf het begin mijn twijfels gehad. Toen het huis nog maar pas was gebouwd, zo’n 4 jaar geleden, was ik er meteen verliefd op. Op dat moment was ik niet in de gelegenheid om het te huren. Toen het mij later werd aangeboden als oplossing voor mijn problemen, was ik meteen enthousiast. Maar ik kreeg ook meteen twijfels. Niet over het huis, dat was nog steeds hetzelfde. Maar de omgeving was veranderd. Drie jaar daarvoor had het huis alleen gestaan, met uitzicht over de vredige sawah’s. Nu stonden er vier nieuwe huizen omheen en dankzij mij kon men starten met de bouw van een vijfde huis, pal naast het mijne. Dat was een tegenvaller. Een andere tegenvaller was de explosief toegenomen verkeersdrukte op de verbindingsweg tussen Pengosekan en Batubulan. De nu en dan gierende motoren raasden langs tot een uur of twaalf in de nacht en in de vroege ochtend, rond vier uur, begon het verkeerslawaai al weer. Als je langer op zo’n plek woont, raak je aan die geluiden gewend en valt het niet meer zo op, maar gasten worden verondersteld enkele dagen tot enkele weken te blijven en dan wordt het als zeer storend ervaren. Een ander nadeel van mijn nieuwe locatie was de langere afsand naar het centrum van Ubud. Het was een wandeling van ruim 15 minuten naar het centrum, te ver om ‘even’ een boodschapje te doen, of ‘even’ te gaan lunchen. En niet iedereen durft in Bali op een motorbike te rijden. Daar komt bij, dat er in Ubud een grote keuze is aan homestays en hotelletjes, waarvan er vele meer voordelen hadden dan het mijne. Ook had ik nog geen reputatie opgebouwd en dat kan ook niet in een half jaar. Het was gedoemd om te mislukken en dat is wat er gebeurde. Ik had geen zin om daarop te wachten. Het verlengen van mijn verblijfsvergunning stond voor de deur en daarna het verlengen van mijn huurcontract voor nog een jaar. Mijn budget was tot een minimum gedaald en er kwamen bijna geen boekingen binnen, dus de vooruitzichten waren zeer ongunstig. In zo’n geval besluiten mensen vaak om over te gaan tot het lenen van geld. In de eerste plaats houd ik daar niet van, want de aflossing doet altijd pijn. In de tweede plaats had ik geen garantie voor succes, integendeel. Mijn besluit was dus snel genomen. Denk niet, dat dit een hard gelag was voor mij. Het nemen van het besluit om ermee te stoppen betekende ook -en vooral- dat ik was ontslagen van de taak om er, tegen beter weten in, het beste van te maken. Het leven werd weer een onbeschreven blad en ik kon nieuwe plannen maken, zij het met een zekere beperking.

Ik heb familie over mijn besluit ingelicht en kreeg meteen van mijn dochter te horen, dat ik welkom was bij haar en haar gezin tot ik mijn zaken geregeld zou hebben. En zo is het gegaan. Twee maanden ben ik te gast geweest bij Hans, Heleen, Lola, Fay en de kleine Nick, wat een overweldigende periode werd. In de zomervakantie kwamen daar nog eens de kindjes van Hans: Leon en Noelle bij, van dezelfde leeftijd als Lola en Fay en met hun verbonden door hun gezamelijke broertje Nick. Ondanks hun eigen drukke bestaan hebben ze alles gedaan om me te helpen. En nu woon ik in Exloo, op de Hondsrug, het mooiste plekje van Nederland. De sawah’s zijn verruild voor de bossen en heidevelden. Ik ga niet meer op de motorbike naar Gianyar, maar op de fiets naar Borger. Ik drink geen kokosmelk meer aan de rand van de sawah, maar pluk bramen in het bos van Exloo. Daar kom ik allemaal nog op terug.

Advertenties

DE BALINESE KEUKEN…VIS OP HET MENU: SATEH LILIT IKAN

Het spreekt vanzelf, dat er op een eiland, omringd door zee, veel vis gegeten wordt.
In Bali wordt zo ongeveer elke vis gegeten, die men te pakken kan krijgen.  Ter hoogte van Padangbai wordt er veel verse vis aangeboden in kleine stalletjes langs de weg naar Candidasa. De vis ziet er meestal goed uit, maar hoe eerder je komt, des te verser de vis. Restauranthouders zijn gewillige afnemers, want door toersten wordt een goede visschotel hoog gewaardeerd. Immers, vis heeft de naam gezond voedsel te zijn; het vlees van de vis wordt lang niet zo gemanipuleerd als dat van kip-, rund-, of varkensvlees en de vis is in eigen land meestal aan de dure kant.

Onder de Indonesiers zelf is vooral de vis-sateh erg populair. Zodra het begint te schemeren, strijken vele kleine cateraars neer langs de straten en beginnen hun barbeque klaar te maken. De geur van geroosterde vis vermengd met exotische kruiden hangt boven de stoepranden en in de bermen. De beste reclame!

Na het ontbijt op Ranto’s wekelijkse vrije dag reden wij op de motorbike naar Denpasar voor een boodschap en daarna volgden we de ‘Jalan Bypass’ langs de kust in de richting van Padangbai. Het was stralend weer: reden voor de locale bevolking om zich zorgvuldig te kleden, want voor je het weet ben je enkele tinten donkerder bruin en die kleur is niet erg populair hier.
Langzaam volgden wij de weg tot aan de afslag naar Padangbai harbour terwijl Ranto naar links en rechts spiedde om de kwaliteit van de aangeboden vis in te schatten.

Op de terugrit liet hij de kraampjes met kleine vissen links liggen en stopte hij bij de dames, die forsere exemplaren aanboden. Er waren monsterlijke vissen bij, met uitpuilende ogen en dikke tongen; misschien heel lekker, maar alleen al de aanblik greep me naar de keel. Ook zag ik een kleine haai; tamelijk zeldzaam hier, maar zeer geliefd.  De hoofdmoot werd gevormd door tonijn in alle gradaties. Twee kleintjes waren ongeveer even duur als een grote, maar volgens Ranto bleef er dan meer graat dan vlees over. De keuze viel dus op een grote. Het beest werd betast en geknepen. De kieuwen werden opengesperd om ons te overtuigen van de prachtige rode kleur.  Kijk eens naar zijn ogen: zo helder als glas! Bij de onderhandelingen viel er te weinig op af te dingen. Het viel Ranto niet mee om zijn rol geloofwaardig te spelen en de verkoopster wist het. Hij kreeg geen stuiver’ diskon’. Triomfantelijk pakte de vrouw de vis in. Gratis plastic bag, haha.

Maar we mochten tevreden zijn, we hadden een goede aankoop gedaan: een forse tonijn voor nog geen 3 euro. Thuis werd de kanjer direct schoongemaakt en in de koelkast weggezet.

Omdat deze sateh soort erg bewerkelijk is, begonnen we direct aan de voorbereidingen.  De bumbu is zeer bepalend voor de goede smaak en versgemaakt is ze het lekkerst, dus daarmee werd begonnen.
Ranto verzamelde rode pepers, knoflook, sjalotten, kunyit wortel, gember wortel, trassi.  Hij maakte de kruiden schoon en hakte ze in stukjes.
Daarna ging alles bij elkaar in de blender om er een soort papje van te maken.
Het papje werd zacht gebakken in een wok, waarin er nog wat salam blaadjes, knotjes serehstengel en water van uitgeknepen tamarinde aan werd toegevoegd. Het aroma alleen al deed ons watertanden. Na een minuut of 5 werd het papje met de blaadjes en de sereh in een schaaltje gedaan en bewaard tot een later stadium.
Toen maakte Ranto een kokosnoot schoon en hij raspte het witte vruchtvlees op een plankje met spijkers tot pulp. Over de pulp goot hij lauwwarm water om de santen uit de pulp te knijpen. Hij verzamelde fijngehakte sjalotten, lemonblaadjes, zwarte peperkorrels, zout en bruine palmsuiker en vermengde het met de kokos pulp.

We waren al een heel eind verder in de tijd, toen de vis zelf aan bod kwam. Het zachte vlees was al van zijn graten ontdaan en werd nu in de blender tot een soort zalfachtige massa vermalen. Deze massa werd zorgvuldig vermengd met alle andere ingredienten, zoals de bumbu, de kokos pulp  en de droge gemalen specerijen.

Gewoonlijk drapeert men de aldus verkregen vispuree rond platte bambu stokjes, maar in het restaurant leerde Ranto iets beters: hij koos stevige sereh stengels uit  en kleefde de puree rond de dikke uiteinden. Van binnenuit vermengde zich tijdens het roosteren de fris-geurige lemon-aroma met de gekruide vis.

De Balinezen eten dit gerecht op straat meestal met wat witte rijst en gesneden komkommer.  Wij kozen voor een zachtgekruide aardappelpuree en een frisse salade van tomaat en komkommer met een eenvoudige vinaigrette.

Dit was om je vingers bij af te likken en dat deden wij natuurlijk ook!

Bali, Ubud, Indonesisch eten

Nu we ook maaltijden klaarmaken voor gasten heb ik me -met Ranto- verdiept in de Indonesische keuken en eetgewoonten. Want, hoewel Ranto alles wil weten over stamppotten en hamburgers, de gasten komen naar Indonesie om de lokale gerechten te proeven.
Net als in Nederland is de gewone dagelijkse maaltijd van de mensen in Bali tamelijk eenvoudig. Maar ook een eenvoudige maaltijd kan heel smakelijk zijn. Bij de dames van de catering, die dagelijks wasmanden vol voedselpakketjes  langs de winkels torsen, kost een nasi campur ongeveer 30 cent. En dat is een smakelijk hapje met alles erop en eraan. Bij de warung, waar je gezellig op een bankje met anderen een lunch kunt bestellen, kost het iets meer en zijn de gerechtjes wat uitgebreider, maar absoluut vers en fijn van smaak. Zo goedkoop kun je het zelf niet maken. en wie ingeburgerd is, weet waar je moet zijn om echt Indonesisch te eten.
Ik eet midden op de dag niet graag te zware gerechten en kies vaak voor een gevulde soep. Bij Dewa Warung en bij Mangga Madu is de soto ayam een aanbeveling waard. Maar ik heb zelf ook een goed recept gevonden. Mijn gasten waren er zeer tevreden over:

Soto Ayam Maduro

ingredienten

1 chicken ca 800 g.
2 liter water
2 stengels lemon grass
1 theelepel zout
1 eetlepel olie

Spice Paste

2 theelepels zwarte peper korrels
6 kruidnagelen
1 eetlepel verse gehakte gember
¼ theelepel shrimp pasta

toevoegingen

100 g glas noedels, zacht gemaakt in warm water
4 hard gekookte eieren, in vieren gesneden
8 potato chips
100 g taoge
2 eetlepels deep fried shallots (kan ook gedroogd uit een zakje)
2 eetlepels fijngehakte seldery
1 limoen in vieren
soya saus
pittige sambal oelek

werkwijze

Doe de in vieren gesneden kip in een ruime pan met water, lemon grass en zout.
Aan de kook brengen en zachtjes alten koken tot de kip zacht is. (ong. 40 min)
De kip en het lemon grass eruit halen en het vlees van de kip in kleine stukjes weer terug in de pan doen.

maak in een foodprocessor de peperkorrels en kruidnagelen fijn, voeg daarna de shrimp paste en de gember toe en indien nodig wat water. Maal het tot een smeuig geheel.

Verhit olie in een ruime sauspan en bak de spice paste op een zacht vuur, 3 a 4 minuten.
Voeg het daarna bij de bouillon.

Verdeel over de kommen:
zachte noedel
een paar chips
¼ hard gekookt ei
taoge

Verhit de bouillon en controleer de smaak op zout en peper
Verdeel bouillon met stukjes kip over de kommen
Top de kommen af met de gebakken sjalotjes en wat gehakte seldery

serveer apart de pittige sambal met de partjes lemon en de soya saus

voorbereidingstijd:          35 minuten
bereidingstijd                 45 minuten

Bali, Ubud, individueel verzorgd reizen

Aan mijn gasten heb ik ondervonden, dat zij een verblijf in Bali Batin vooal plezierig vinden door de kleinschaligheid en de persoonlijke benadering. Ik kan me voorstellen dat dit vooral voor mensen geldt die alleen reizen of niet van een hotel-sfeer houden. Daarom:

Speciaal voor de oudere alleenstaande, die graag op reis wil, maar niet aan zijn lot wil worden overgelaten,
Voor de alleen reizende, die kampt met gezondheids problemen en in verband daarmee assistentie behoeft,
Voor de alleengaande, die wel gezelschap wil, maar niet van groepsreizen houdt,
En voor de reiziger die niet de hele tijd zelf het wiel wil uitvinden.
Voor deze singles organiseer ik een individueel verzorgd verblijf in mijn knusse bungalow.

Ik bied mijn gasten logies in mijn gasthuis in de vorm van twee kamers ensuite met eigen badkamer en gebruik van de ruime eetkamer, terras en tuin.
Ik ben persoonlijk de hele dag beschikbaar voor zaken van huishoudelijke aard, voor verzorging, om iets te regelen en als gezelschap.

Vooraf kunnen mijn gasten al kenbaar maken waar hun interesse naar uitgaat, zodat er eventueel onderzoek gedaan kan worden naar de mogelijkheden of -indien nodig- reserveringen kunnen worden gemaakt.

Ik kan helpen bij het opstellen van een programma en adviseren waar het gaat om uitstapjes. Ik woon al bijna 10 jaar in Bali en ben bekend met de cultuur en de mogelijkheden. En uiteraard kan een vooraf opgesteld programma per dag worden gewijzigd of aangepast.
Mijn gasten bepalen helemaal zelf hoe hun vakantie er uit zal zien.

De prijs van een individueel verzorgde vakantie is 500 euro per week voor 1 persoon. (2 personen 750 euro)
Hierbij zijn inbegrepen: logies; maaltijden; non-alcoholica; laundry; luchthaven transfers en uitstapjes per luxe taxi; Nederlands sprekende gids/gezelschap op HBO niveau; hulp bij lichamelijke ongemakken of anderszins.
Niet inbegrepen zijn: vliegticket(s) en hotels elders.

Indien u interesse hebt of meer specifieke informatie wenst, gelieve te mailen naar: balibatin@gmail,com
Hartelijke groet,
Ineke van Gemert

Bali, Ubud, Ogoh Ogoh (oudejaarsavond) en Nyepi, het Balinese Nieuwjaar, 1933

 

Ogoh Ogoh. Vrolijk, bezwerend, uitbundig en kleurrijk was gisteren het afscheid van het Balinese jaar 1932.
Mijn gasten, die woensdagavond laat uit Nederland waren aangekomen, begaven zich op de tweede dag van hun verblijf al in het feestgedruis. Nog een beetje tollend van de jetlag en nog niet gewend aan de hoge avondtemperatuur, wandelden zij met hun kraaiende peuter via het apenbos naar het centrum van Ubud, waar op het voetbalveld de monsters en demonen werden verzameld om zich in meerdere opzichten met elkaar te meten. De uitslag staat bij voorbaat vast: de goede geesten zullen overwinnen. Maar eerst worden de prachtig gemaakte ‘demonen’, waar men wekenlang aan heeft gewerkt, triomfantelijk rondgedragen en bewonderd. Er vindt een verkiezing plaats voor de mooiste. Er wordt vuurwerk afgestoken, gezongen, gedanst en geflirt. Tijdens de schemering worden de demonen van het voetbalveld weggedragen door groepen joelende rennende jongelui onder het toeziend oog van de ordedienst van de pecalang en door de politie. Er bestaat een duidelijke orde in deze chaos en hoewel het hier om een gevecht gaat, gebeuren er geen ongelukken. Toch rent in het halfduister de horde dragers af en toe regelrecht op de menigte toeschouwers af, die dan gillend uiteen wijkt. Als het te hard gaat, weerklinkt het schrille fluitje van politie en pecalan en de dragers binden in. Na het schijngevecht verdwijnen de demonen en hun dragers in oostelijke richting in het duister. De menigte toeschouwers keert massaal terug naar het voetbalveld, waar volgens oud gebruik enkele overwonnen demonen worden verbrand. Oorspronkelijk gebeurde dat met alle poppen, maar tegenwoordig steekt men zoveel energie en geld in de kunstwerken, dat men het zonde vindt om ze direct weer te verbranden. Nog lang na Nyepi treft men langs de weg en in schuren de woest kijkende poppen aan, die tijdens de laatste jaarwisseling hun symbolische taak hebben vervuld.

Om middernacht is alles stil en donker.
Dat blijft 24 uur zo. Demonen, die over Bali vliegen worden aldus misleid en denken, dat de Balinezen (en hun toeristen) zijn vertrokken. Geen lol aan. De demonen gaan een deurtje verder en het zal wel even duren voor ze in de gaten hebben, dat ze voor de gek zijn gehouden. En tegen de tijd dat Bali weer overspoeld raakt met boze geesten zijn ze weer bijna een jaar verder.

Intussen hebben wij in alle rust van Nyepi genoten. Geen boodschappen buiten de deur, geen motorlawaai, geen rumoer en geen licht. Wij genoten van het geluid van de kikkers en de krekels, van kippen en vogels, van de stromende beek en van de gezellig brabbelende peuter, die zich van geen kwaad bewust was. Want voor peuters is alles zoals het hoort en zij zien nergens van op, al was het hapje sambal kemiri dat per abuis in zijn mondje terecht kwam wel wat teveel van het goede.
In januari heeft men mij al een voorspoedig 2011 gewenst. Als die wens ook opgaat voor het Balinese jaar 1933, wordt dit een gezegend jaar. Laten we hopen dat de boze demonen dit jaar abusievelijk in zee belanden, opdat we ons in dat goede jaar kunnen verheugen.

Indonesie, Bali, Ubud, gevarieerd Indonesisch eten.

 

Sinds lang is de Indonesische keuken erg geliefd in Nederland.
Althans, wat daarvoor doorgaat. Want de Indonesische keuken is zeer gevarieerd en evenzo zijn de aanpassingen aan de westerse varianten op de Indonesische keuken. Echte kenners betitelen de welbekende ‘rijsttafel’ als een Nederlandse dis en aan de andere kant is de dagelijkse maaltijd van de doorsnee Indonesier niet altijd even smakelijk voor westerlingen. Voor veel mensen geldt, dat onbekend onbemind maakt en dat is bij uitstek van toepassing op eetgewoontes. Mijn schoonvader, die een huis in Frankrijk had, kwam altijd met een achterbak vol eigenheimers uit Nederland aanzetten, plus een paar flessen jenever. En ook op de tafeltjes in de homestay zag ik regelmatig pakjes thee van Douwe Egberts en zakjes Venco drop.

Toch zijn uitheemse producten al eeuwen lang ingeburgerd in de westerse keuken. Handelsmissies vanuit Europa waren vooral gericht op het aanvoeren van Aziatische specerijen zoals peper, kruidnagelen en nootmuskaat. Daarna ontdekte men tabak en opium; aanvankelijk als medicijn aangewend. En in de twintigste eeuw, toen het vervoer niet meer zo’n hachelijke onderneming was en sneller kon plaatsvinden, werd het westerse menu aangevuld met tropische vruchten als bananen en mango’s.
In relatief korte tijd is er veel veranderd in de culinaire wereld. Enerzijds komt dit doordat in de westerse wereld de welvaart globaal is gestegen en anderzijds doordat men massaal naar verre bestemmingen is gaan reizen. Maar ook de immigratie van vluchtelingen en werkzoekenden in meer welvarende naties hebben gezorgd voor verschuivingen in westerse eetgewoontes. Ik herinner me nog, dat er eind vijftiger jaren schoorvoetend “Franse kaas” op toastjes werd geintroduceerd bij een glas “droge sherry”. De plakjes smaakrijke kaas werden flinterdun gesneden en volgens mensen, die niets moesten hebben van die moderne fratsen, rook de kaas naar vuile sokken. Ook aan de smaak van olijven moest men erg wennen, maar tegenwoordig gaat Jan en alleman op zaterdag naar de markt om een paar ons knoflookolijven te scoren bij de Marokkaan. De Surinaamse roti met curry-kip, gesneden kouseband en een flinke dot sambal van geurige Mme Jeanette pepers is voor de echte doorzetters, maar ook dat gerecht is in Nederland inmiddels ingeburgerd.

Tientallen jaren geleden reisde ik voor het eerst naar Indonesie met een partner, die geen rijst lustte. Dat was lastig, want zeker in die tijd was rijst het hoofdbestanddeel van elke maaltijd. Een Indonesier eet rijst; vaak met nog iets erbij. Maar zonder rijst heeft een Indonesier niet gegeten. Alleen Chinezen hadden een alternatief: mie. Enfin, ik prees mezelf gelukkig, dat ik wel van rijst hield, want dat vergrootte de kans op een smakelijke maaltijd aanzienlijk. Het was tijdens dezelfde reis, dat in een uitspanning voor vakantiegangers in Jokyakarta iets nieuws werd aangeboden: pizza. Leuk geprobeerd, maar niet geslaagd: de pizza’s werden meestal na twee happen met een vies gezicht terzijde geschoven. Zo erg is het inmiddels niet meer. Vooral in Bali kan men in elke plaats goed en lekker eten voor elke smaak en elke beurs.

 

De koks in Bali bedienen zich inmiddels van de modernste apparatuur en verdiepen zich in hun leertijd in “Masakan Favorit Eropa”. Mijn vriend Ranto werkt als kok in “Ary’s Waroeng” aan de Jalan Raya Ubud. Het restaurant lijkt echter in niets op een warung en het menu al helemaal niet. Tot mijn grote vreugde is Ranto geneigd zijn werk mee naar huis te nemen. Vol ijver bereidde hij voor mij een ‘Boeuf Stroganoff ‘. Hij struikelt nog steeds over de naam maar met het gerecht weet hij vakkundig te goochelen. Westerse ingredienten zijn voor Indonesische begrippen relatief duur. Dit geldt met name voor melkproducten als keukenroom en kaas, maar ook voor conserven, die uit Europa worden ingevoerd, zoals bij voorbeeld olijven, kappertjes, mosterd etc. Om binnen ons budget te blijven zochten we naar oplossingen binnen het Indonesisch palet, wat nu en dan tot verrassende resultaten leidde. Zo kwam Ranto tot een Indonesische variant van Boeuf Stroganoff door in plaats van sour cream een mix te gebruiken van ongezoete yoghurt met een flinke scheut santen. Santen is verkrijgbaar in pakjes, maar is ook gemakkelijk zelf te maken: Ranto raspte het zachte vruchtvlees op een parutan, een rasp gemaakt van sprijkers in een plankje. De smaak van de santen liet zich goed verdragen met een paar fijngesneden rawitt pepertjes. Behalve een zacht gekruide aardappelpuree, liet het vleesgerecht zich ook goed combineren met gekookte rijst, op smaak gebracht met een kluwen verse pandanbladeren, die hier en daar langs de sawah groeien. Er werd een groenteschotel bij geserveerd van een inheemse vrucht, die in smaak wel iets wegheeft van de Hollandse komkommer: labu siam. De smaak is zacht en fris.

         

Tenslotte dronken we er nog een glaasje jonge, thuis bereide rode wijn bij. Niet helemaal volgens het boekje, maar wel passend in de rest van het avontuur.

BALI, UBUD, WELKOM IN DE BUNGALOW !!

Bali, Ubud, Een nieuw vakantiejaar: 2011


Selamat Tahun Baru (gelukkig Nieuwjaar)

Van alle kanten wordt ons nog dagelijks een “Happy New Year” of een “Selamat Tahun Baru” toegeroepen.
Voor sommigen gaat het nieuwe jaar op oude voet voort, maar anderen verwachten veranderingen.
Een nieuwe baan, een kindje, een verhuizing, van alles om naar uit te zien of tegenop te zien.
Veranderingen kunnen een verbetering betekenen, maar ook onwelkom zijn of onzekerheid geven.
Veranderingen kunnen ons verrassen, maar ze kunnen ons ook overvallen. Ze kunnen meevallen en ze kunnen tegenvallen.
De beste manier om met veranderingen om te gaan is ze te omarmen en er uit te halen wat er in zit.
Want wat is het leven anders, dan een lange reeks voortdurende veranderingen?

Dat er iets in Warjihouse gaat veranderen is zeker. Onzeker is nog voor wie het zal meevallen en voor wie het zal tegenvallen.
In elk geval wens ik Nyoman, Made, Wayan en Kadek een voorspoedig 2011 en Ketut Suta en familie veel succes met de renovatie van Warjihouse 1 & 2.

Nog een krappe maand en dan is het voor mij geschiedenis.
De website van Warjihomestay gaat uit de lucht. Gasten voor Warjihouse zullen hun boekingen moeten maken bij de website van Widya: http://www.warjibungalow.com . Het oude mail-adres (warjihouse@hotmail.com) blijft nog even actief om geinteresseerde gasten door te verwijzen.

Mijn nieuwe avontuur heet

 

 

Bali Batin Bungalow .
Gasten die geinteresseerd zijn in mijn nieuwe guesthouse kunnen al een kijkje nemen op de nieuwe website: http://www.balibatin.com .
De site is nog in bewerking en er moet nog van alles aan worden verbeterd. Daar is een beetje tijd voor nodig.
Maar ik heet u welkom op mijn site en zeer zeker in mijn mooie bungalow.


Bali, Ubud: Bali Batin Bungalow

De werklieden zijn inmiddels klaar met hun aandeel en mijn aandeel is in volle gang. Er moet in de eerste plaats flink worden gepoetst, wnt schuren en slijpen geven veel stof, dat in de kleinste kiertjes is doorgedrongen.

 Daarna moet alles worden aangekleed, zodat de kamers gezellig worden. Hier vast een indruk van de laatste twee kamers en de nieuwe badkamer.
Dan met nieuwe foto’s de website aanpassen en we gaan helemaal nieuw het jaar 2011 in.
 

Natuurlijk kunt u al boeken; er is plaats tot een gezelschap van 8 personen.
mail naar: balibatin@gmail.com

Bali, Ubud, hartverwarmend bezoek in Bali Batin: Sheila de Fretes

Sheila de Fretes: Oprichtster van ‘Stichting De Paradijsvogel’ en ‘Sheila de Fretes Foundation’

De wereld is groot, maar wordt in de praktijk steeds kleiner door de moderne communicatiemiddelen en het gemak waarmee men tegenwoordig van het ene einde van de wereld naar het andere reist.
Het was louter toeval, dat mijn neef Janne uit Amsterdam op een dag Sheila tegenkwam op een tentoonstelling (of een beurs), kort voordat zij naar Bali zou vertrekken. Sheila bekeek met veel aandacht een schilderij en dat trok weer de aandacht van Janne. Zij raakten met elkaar in gesprek en van het een kwam het ander. Sheila heeft ook een neef, Jack, en die woont toevallig in Bali. Janne had nog maar net genoeg tijd om Sheila wat Hollandse lekkernijen mee te geven voor zijn nicht in Bali en intussen ontving ik een dubbel mailtje van Janne en Sheila, dat de stroopwafels onderweg waren.

Sheila heeft een heel druk leven. Ze heeft een gezin bestierd, gewerkt, gereisd. Ze heeft in Egypte gewoond. Ze heeft veel van het leven gezien en van alles wat ze zag hebben de kinderen der mensen haar altijd het meest ontroerd. Kinderen zijn onschuldig en kwetsbaar en vaak overgeleverd aan de gevolgen van de problemen in de wereld der volwassenen. Maar kinderen zijn ook de volwassenen van de toekomst. De grootste wens van Sheila was om een opvangtehuis voor ondergesneeuwde kinderen op te richten en die wens heeft ze verwezenlijkt. Vooral autistische kinderen hebben haar speciale aandacht. Om sponsors en medewerkers aan te trekken heeft zij de stichting “De paradijsvogel” opgericht. Haar doelstelling wordt duidelijk naar voren gebracht in de website van de stichting: http://www.deparadijsvogel,nl .
Maar alleen een opvangtehuis in Nederland is niet genoeg. Wereldwijd hebben vele kinderen behoefte aan hulp en steun om zich in het leven staande te houden en verder te komen. Er bestaan wereldwijd al veel opvangtehuizen en andere hulpverlenende organisaties. Men zou effectiever en efficienter hulp kunnen bieden als al deze organisaties zouden samenwerken. Daar zijn velen het over eens en regelmatig zoeken medewerkers van andere organisaties hierom contact met Sheila. Dat motiveerde Sheila tot het oprichten van de “Sheila de Fretes Foundation”. Wilt u weten wat de stichting doet? WWW.SDFFOUNDATION.COM

Op sinterklaasaond heb ik stroopwafels gesnoept, samen met mijn Balinese vriend Wayan Renta. Hij vond het lekker. Het verbaasde hem zelfs, dat men in Nederland lekkere dingen kon maken. Want drop en zuurkool had hij niet als lekkernijen ervaren. Ik had ook nog gevulde speculaas. Dat wordt speciaal gegeten tijdens het sinterklaasfeest, verklaarde ik aan Wayan. Hij wilde weten wat voor feest dat was. Het is een soort legende, zoals in de verhalen van het Ramayana, maar dan Hollands, verklaarde ik. Dan moet het een strijd zijn tussen goed en kwaad, veronderstelde Wayan. Niet echt, meende ik nu. Dit is alleen goed, speciaal voor kinderen.
Sinterklaas, Sheila, de prins op het witte paard, speciaal voor kinderen, dat kan geen toeval zijn…

« Older entries